Energiezuinige gebouwen

February 2010

In de geïndustrialiseerde landen neemt ‘residentieel wonen en gelijkgesteld” tot 40% van het totale jaarlijkse eindenergieverbruik voor zijn rekening. In koude en koele klimaten gaat het grootste deel daarvan naar verwarming, al neemt procentueel het belang van warm tapwater, verlichting, functie en koeling toe naarmate door energetisch beter bouwen het aandeel verwarming daalt. Bij gebouwen zijn door een gericht ontwerp – compactheid, verstandig gebruik van glas, uitstekende isolatie, goede luchtdichtheid – belangrijke besparingen op verwarming mogelijk zonder de gebruikswaarde aan te tasten. Sinds 1973 is het energetisch beter bouwen geëvolueerd van “geïsoleerd” over “energiezuinig” naar “lage-energiegebouwen” en recenter “passief-“, “nulenergie-“ en “plus - energiegebouwen”. In beide laatste gevallen produceert een gebouw jaargemiddeld evenveel of meer energie - doorgaans via fotovoltaïsche cellen - dan het verbruikt. Toepassing op grote schaal van beide concepten zal wel een grondige omvorming vragen van het elektriciteitsnet (bouwen van “slimme” (“smart grids”) verdeelnetten). Bovendien zijn, in tegenstelling tot lage-energiewoningen, zowel passiefgebouwen als nulenergie- en plusenergiegebouwen economisch niet optimaal.

Europa wil tegen 2020 20% minder energieverbruik dan bij business as usual, 20% minder broeikasgasuitstoot dan in 1990 en 20% duurzame energieproductie. Zelfs al zou men vanaf 2009 aan alle nieuwbouw eisen van het niveau “passiefbouw” stellen, dan nog is 20% minder verbruik in de gebouwde omgeving tegen 2020 niet haalbaar. Trouwens, de extreem strenge eisen voor verwarming bij passiefbouw hebben als neveneffect dat warm tapwater, verlichting en functie de grootste verbruikers worden, meestal onder de vorm van elektriciteit, wat zwaar doorweegt op het primaire energieverbruik ( 2,5). En bij die drie laatste verbruiken ligt besparen een stuk moeilijker. De enige uitweg, naast eisen aan nieuwbouw en vervangingsbouw in de buurt van het economische optimum (E60, K30), bestaat erin, de volgende 11 jaar, met alle middelen energie-efficiënte vernieuwbouw, verlichting en toestellen te stimuleren.

Download het standpunt hier


BACAS - Belgian Research in the European Context

January 2010

Dit rapport betreffende de toestand van de Belgische onderzoekswereld in de Europese context, is ontstaan op initiatief van BACAS, de Belgian Royal Academy Council for Applied Science. De bedoeling ervan is ideeën aan te reiken met betrekking tot het beleid inzake wetenschap en onderzoek naar aanleiding van het Belgisch voorzitterschap van de Europese Unie in 2010.

Het rapport is tegelijk gebaseerd op een kwantitatieve evaluatie van het onderzoek in België vanuit internationale statistische gegevens, en op een kwalitatieve analyse van de antwoorden op een vragenlijst die werd rondgestuurd naar zowel openbare als privé personen en instellingen betrokken bij de planning, het management en/of de uitvoering van onderzoek in België.

Verschillende prestatie-indicatoren tonen aan dat het Belgische R&D-systeem binnen de Europese context een eerbare plaats inneemt, zowel in termen van uitgaven in procent van het BBP, als van aantal onderzoekers en doctors per 1.000 werknemers, wetenschappelijke publicaties, patentaanvragen, innovaties in de brede zin en deelname aan Europese onderzoeksprogramma's. Negatief is de afnemende groei van de financiering van het onderzoek, een evolutie die reeds van voor de huidige economische crisis wordt vastgesteld.

Download het standpunt hier


Verdroging, ook in Vlaanderen?

July 2009

Niettegenstaande de jaarlijkse neerslaghoeveelheden constant blijven treedt er op verschillende plaatsen in Vlaanderen "verdroging" op, d.i. het onvoldoende aangevuld worden van de grondwaterreserves. Niettegenstaande de hoeveelheden opgepompt grondwater voor drinkwaterproductie (ongeveer 2/3) en voor landbouw en industrie (1/3) de laatste jaren nagenoeg constant blijven, houdt de dalende trend van het grondwaterpeil in een aantal watervoerende lagen niet op.

De oorzaken van de verdroging zijn niet alleen het relatief grote verbruik (50 % van het in Vlaanderen geproduceerde drinkwater is grondwater) maar, vreemd genoeg misschien, ook dezelfde oorzaken die aanleiding geven tot een toegenomen overstromingsgevaar: we wonen en leven immers in een dicht bebouwd land. Tussen 1990 en 2000 nam de verharde oppervlakte in Vlaanderen met 24% toe! De toename van de verharde oppervlakte en de snelle afstroming van het regenwater in greppels, riolen en rechtgetrokken beken en rivieren vermindert de infiltratie van regenwater.

Studies tonen aan dat de mogelijke klimaatveranderingen t.g.v. de opwarming van de aarde niet zozeer de jaarlijkse neerslaghoeveelheden zullen beïnvloeden maar de verdeling van de neerslag (en de droogteperiodes) over de tijd. Gevreesd mag worden dat een toenemende kans op verdroging minstens even ernstig genomen moet worden dan een toenemende frequentie van "overstromingen".

Download het standpunt hier


De interactie tussen het secundair onderwijs en het bedrijfsleven

January 2009

Er is een kloof tussen wat de leerlingen meekrijgen tijdens hun secundair onderwijs en wat het bedrijfsleven van hen verlangt.

In een eerste deel wordt het probleem zelf bekeken: er blijken een tiental redenen te bestaan waardoor deze kloof ontstaan is, en dit niettegenstaande de hoge kwaliteit van ons onderwijs.

Het tweede deel schetst de soms wat moeilijke verhouding tussen de onderwijswereld en het bedrijfsleven. Hierbij wordt vastgesteld dat het bedrijfsleven zeer heterogeen is en snel wijzigt, terwijl het onderwijs eerder log is door zijn omvang en moeilijk kan in - spelen op elke nood.

Het derde deel bekijkt of aan onze jongeren wel de juiste informatie verstrekt wordt over de mogelijkheden van een loopbaan in het bedrijfsleven en welke de obstakels zijn die hen hiervan weerhouden.

In het vierde en laatste deel worden de voorstellen geformuleerd om de organisatie van het onderwijs aan te passen. Hervormingen in het onderwijs zijn hiertoe nodig en suggesties worden geformuleerd. Deze hervormingen moeten echter gedragen worden door de ganse maatschappij, ouders, bedrijfsleven, overheid, jeugdbewegingen en sportclubs. Opvoeding en opleiding zijn immers niet de taak van het onderwijs alleen.

Download het standpunt hier


Stimuleren van innovatie

January 2009

Innovatie - of het brengen van een idee tot een marktrijp product - wordt nu algemeen beschouwd als een noodzakelijk ingrediënt van een welvarend economisch weefsel. Achter zijn eenvoudige definitie verbergt het echter een complex proces met vele actoren en een hele waaier aan mogelijke invloedsfactoren. Bij de studie van Innovatie is een grondige analyse dan ook een absolute noodzaak alvorens zich te kunnen uitspreken over actiepunten en mogelijke maatregelen.

  1. Wat zijn de Innovatiedoelstellingen in Vlaanderen/België?
  2. Overzicht van het bestaande maatregelen-arsenaal ter bevordering van Innovatie.
  3. Evaluatie van de waargenomen effecten: wordt het beoogde doel bereikt?
  4. Aanpak in de ons omringende landen. Zijn er voorbeelden van een succesvolle Innovatie-stimulering?
  5. Actiepunten en maatregelen op Vlaams/Belgisch niveau.

Download het standpunt hier


BACAS - GMO: transgene planten

September 2008


High Performance Computing in Vlaanderen

June 2008


Nanotechnologie: hype or opportunity?

May 2008

Nanotechnologie is na biotechnologie de nieuwste technologische ontwikkeling. Deze technologie, die van micron- naar nanoschaal gaat, kent een brede waaier van processen en talrijke baanbrekende toepassingen voor de toekomst.

Richard Feynman gaf een baanbrekende speech in 1959: 'There is plenty of room at the bottom', en gaf daarmee het startsein voor het nano bereik. Een aantal decennia bleef het bij theorie en slechts een tiental jaar geleden kwamen de doorbraken. Heden staan we halfweg tussen theorie en industriële doorbraak.

De werkgroep 'Nanotechnologie: hype of opportuniteit' heeft tot doel:

  1. een eenvoudig inzicht te verwerven in dit zeer brede domein, e.g. nanochemie, nanofysica, nanotechnologie
  2. De impact van nanotechnologie op de komende productontwikkelingen te evalueren
  3. Welke zijn de opportuniteiten in Vlaanderen en België?
  4. Hoe kunnen we inpikken op het nieuwe subsidielandschap?

Download het standpunt hier


Beveiliging van digitale informatie

October 2007

Dit rapport brengt de actuele problematiek in kaart rond de beveiliging van informatie, zoals deze zich in onze huidige maatschappij stelt. Vooreerst wordt geargumenteerd dat het geheel van bescherming, vertrouwelijkheid, authenticiteit en integriteit van informatie meer dan ooit een belangrijke zorg vormt. De openheid van de communicatiesystemen en hun toepassingen, de snellere doorstroming van gegevens en informatie en het toenemende aantal gebruikers wereldwijd vereisen de aandacht van het totale netwerk en de ganse maatschappij. De rol van de diverse actoren, zoals de overheid, de bedrijven, de ICT- dienstverleners, de maatschappij en de burgers in dit geheel wordt geformuleerd. De juridische aspecten vormen een belangrijk onderdeel in deze thematiek. Vele diverse toepassingsdomeinen worden meer specifiek toegelicht. Ten slotte worden de actuele en relevante technologische methodieken besproken. De veiligheid van een informatiesysteem wordt immers, zoals de sterkte van een ketting, bepaald door de sterkte van de zwakste schakel.

Download het standpunt hier


De doctoraatsopleiding aan de ingenieursfaculteiten

April 2007

Het behalen van een doctoraat na het beëindigen van universitaire studies kreeg dit jaar reeds herhaaldelijk aandacht in de pers. Er was een artikelenreeks met uitgebreide lezersbrieven in “De Standaard” deze zomer, en heel recent (25 september) kopte “De Morgen Bis” nog: “Waarom zou een mens nog doctoreren?” Aanleidingen tot de persaandacht waren enerzijds het relatief lage aantal doctorandi (3 à 4 op 10) dat effectief de eindstreep haalt en tot doctor promoveert, en anderzijds het gevoelen van heel wat gepromoveerde doctors, dat het behalen van een doctoraat door hun latere werkgever in industrie of dienstensector niet écht wordt geapprecieerd en zeker niet automatisch in een hogere functie of verloning resulteert.

Download het standpunt hier

Download het standpunt hier


Page 1 of 3